Niets nieuws onder de zon
..., over de kortste weg, doorheen Duitsland en Oostenrijk. Ze mochten dat in het verleden ervaren als comfortabel want ze konden vrij goed slapen en kwamen redelijk uitgerust ter plaatse.
Dit jaar kwam daar verandering in. Slaapbussen zijn nu ‘verboten’ in Duitsland. Commentaar bij artikel 35 i, alinea 2 van het Verkeersreglement stelt dat ‘In Kraftomnibussen dürfen Fahrgäste nicht liegend befördert werden. Dies gilt nicht für Kinder in Kinderwagen.’
Een of andere idioot die nog nooit met een slaapbus reisde en dus niet weet wat het is, stelde deze regel op met als kers op zijn taart de vrijstelling van horizontale kinderen in vertikale kinderwagens. Dáár en niet elders. Es lebe Europa !
Dus moest de touringcar waarmee Mieke reisde nu over Luxemburg, Frankrijk en Zwitserland rijden. Het traject werd minstens twee keer 150 km langer en, afhankelijk van de bestemming, met twee keer tot vier uur reis- en rijtijd verlengd.
Onnodig tijd- en comfortverlies, zeker voor de vele meereizende kinderen en dus ook voor hun ouders. In elk geval lastiger dan vroeger.
Op de koop toe rijd je daarbij niet altijd over de meest aangewezen reiswegen, over snelwegen met soms twee in plaats van drie rijstroken, hele stukken aan 80 kilometer per uur en waar sommige trajecten niet altijd open zijn. Men durft de Fernpas bijvoorbeeld bij slechte weersomstandigheden nogal eens sluiten, want op de weg naar de wintersport is sneeuw natuurlijk geen uitzonderlijk begrip. Is die pas dicht dan moet je over Bregenz en de snelweg, met nog eens 200 kilometer omweg. Over het parcours kan je hooguit een paar uur voordien beslissen nadat je met de hotelier belde. Het toppunt is dat je dan toch over Duitsland moet, en er dus moet voor zorgen dat de passagiers dan al niet meer slapen en de slaapzetels ondertussen verdwenen. Gekkenwerk…
Financieel weer eens een domper, waarbij de péages en het Zwitsers vignet weliswaar wat gecompenseerd worden door de uitgewonnen Steuer, maar waarbij de méérkilometers en de chauffeurs toch weer zoveel supplementaire kosten meebrengen.
Probeer die maar eens op de touroperators te verhalen.
De alternatieve weg is daarenboven belastender, niet alleen voor de chauffeurs, maar ook voor de slapers, want péages e.d. zorgen voor méér keren stoppen, wat het slaapcomfort niet bevordert.
Projecteer je deze situatie op een short ski, dan wordt het helemaal plezant.
De klap op de vuurpijl is dat je omwille van de rij- en rusttijdenwet de passagiers niet meer naar en van de skipiste kan voeren, zodat je ook daarvoor bijkomende lokale kosten moet dragen.
Terug naar Mieke en de kroost. De passagiers zijn niet mee om de zorgen van ons beroep te torsen maar om deugd te beleven aan hun vakantie. En die was leuk tot bij de controle tijdens de terugkeer.
Na een ontspannende week liep de terugreis nu in de omgekeerde richting. De Fernpas was open. Om 5 uur moesten ze de Frans-Luxemburgse grens passeren, die ze tien minuten voor tijd bereikten. Daar deed de Luxemburgse politie de car stopen. De twee chauffeurs ondergingen de controle met een gerust hart, overtuigd zijnde dat alles dik in orde was.
Dachten ze…
De Luxemburgers beweerden dat de chauffeurs bij de wissel 45 minuten pauze hadden moeten nemen buiten de car. Die pauze was er dus niet, want er waren twee chauffeurs aan boorde die elkaar aflosten. Perfect in orde, maar de politieman beweerde van niet en eiste 750 euro boete. Wat doe je dan als chauffeur ? Je hebt 42 mensen aan boord die, even na 5 u ’s morgens, stilaan wakker worden: je wil doorrijden. De Franse politie komt er nu bij, want ze zien dat er problemen zijn; ze geven de chauffeur gelijk, wat de Luxemburger nijdig maakt.
Ondertussen is een van de passagiers ziek geworden en stapt uit om te braken. De politieman snauwt hem af en vraagt aan de chauffeur of dat misschien door zijn rijstijl komt? De chauffeur blijft kalm en vraagt of hij nu eindelijk mag doorrijden want dat hij daar niet staat om zijn rijkunst te laten beoordelen, wel om gecontroleerd te worden. Nog andere passagiers willen een luchtje scheppen. De politieman verbiedt hen uit te stappen en begint nu tergend langzaam alle schijven van de voorbije weken te controleren. Een van de twee chauffeurs is een dimona-tewerkgestelde, een perfect-legaal Belgisch verschijnsel dat ze in Frankrijk en Luxemburg evenwel niet kennen. Een tweede boete van 750 euro wordt geëist. “Betalen of je blijft staan.” In de car is ondertussen iedereen wakker, de mensen willen er uit. Wat niet mag, de controleur doet de car sluiten. De passagiers voelen zich gegijzeld, gevangen, voelen het aan als een vorm van terreur. In de car worden de kinderen lastig, erg lastig.
Plots heeft een controleur iets gevonden. Drie weken geleden had een van de chauffeurs ‘te lang gereden’. Eigenlijk had op de identieke reis de tweede chauffeur toen hij het stuur overnam, de schijf niet verdraaid, denkend dat de eerste chauffeur het had gedaan. En die dacht op zijn beurt dat de tweede chauffeur het deed. Een uur later hadden ze ’t gemerkt en dan pas de schijven gewisseld. Bij het naast elkaar leggen van de schijven van de twee chauffeurs blijkt duidelijk dat dit de waarheid is. Niets aan te doen, nieuwe boete van 750 euro. Shylock moet en zal zijn pond vlees hebben.
Bijna twee uur heeft het geduurd.
De mensen zijn woedend. Nu weten ze hoe zwaar het werk is van die altijd joviale, vriendelijk blijvende touringcarchauffeurs.
Overigens zijn wij de mening toegedaan dat het gemeenschappelijk vervoer en het groepstoerisme over de weg moeten bevorderd worden en niet verknoeid.
En dat wijlen Gerard Brysse, toen autocarondernemer in Wervik, in 1968 na een soortgelijke behandeling door een Franse douanier, zijn beroemde spreuk lanceerde: que la moitié du monde était fait pour emmerder l’autre moitié!
Niets nieuws onder de zon. (Enfin, om 5 uur ’s morgens is er geen zon.)
(LUC GLORIEUX, HOOFDREDACTEUR)
<< Terug
|